top of page

Belastingcontrole in België: rechten, termijnen en hoe u zich correct verdedigt

Snel antwoord

Een fiscale controle of belastingcontrole begint meestal met een vraag om inlichtingen op grond van artikel 316 WIB92. U beschikt over één maand om te antwoorden, te rekenen vanaf de derde werkdag na verzending. Kunt u deze termijn niet halen, vraag dan vóór het verstrijken ervan een gemotiveerde verlenging aan. Een laattijdige of ontbrekende reactie kan ertoe leiden dat de fiscus een aanslag van ambtswege vestigt, waardoor uw procespositie aanzienlijk kan verzwaren.


Hoe ver de fiscus mag teruggaan, hangt af van de toepasselijke aanslagtermijn. In de meeste gevallen bedraagt die drie jaar, maar in bepaalde situaties kan zij oplopen tot vier of zelfs zeven jaar. Ook een fiscale visitatie is aan strikte wettelijke voorwaarden onderworpen. Zo mag de fiscus uw beroepslokalen niet zomaar betreden zonder uw voorafgaande en blijvende toestemming. Bij een privéwoning is bovendien een machtiging van de politierechter vereist. Het Hof van Cassatie bevestigde op 23 april 2026 nogmaals dat de fiscus moet bewijzen dat een geldige toestemming werd verleend.

Inhoud


I. Hoe begint een belastingcontrole?

De meeste fiscale controles beginnen niet met een huisbezoek, maar met een brief of e-mail van de fiscus. Twee documenten komen daarbij het vaakst voor.

De vraag om inlichtingen (VOI), gebaseerd op artikel 316 WIB92, is het meest gebruikte onderzoeksinstrument. De fiscus vraagt hierin gericht om documenten of toelichting bij uw aangifte. U bent verplicht schriftelijk te antwoorden binnen één maand, te rekenen vanaf de derde werkdag na verzending.

De FOD Financiën is de voorbije jaren stapsgewijs overgeschakeld op digitale verzending via de eBox, onder meer verplicht voor houders van een ondernemingsnummer en sinds november 2025 de standaard voor steeds meer documenten. Ook in dat geval blijft de wettelijke antwoordtermijn onverkort gelden. Een gemotiveerd verzoek tot verlenging is mogelijk, maar moet vóór het verstrijken van de oorspronkelijke termijn worden ingediend.

Het bericht van wijziging van aangifte is het instrument dat de fiscus gebruikt wanneer zij een correct en tijdig ingediende aangifte wil corrigeren. Zij moet dit formeel motiveren, waarna u het recht heeft om te reageren vóór een aanslag wordt gevestigd. Reageert u niet of blijft de fiscus bij haar standpunt, dan kan dit uitmonden in een aanslag van ambtswege, met als zwaarste gevolg een omkering van de bewijslast. Niet langer moet de fiscus bewijzen dat u te weinig belasting heeft betaald, maar moet u aantonen dat de aanslag onterecht is.

Belangrijk is ook de timing van uw antwoord ten aanzien van de onderzoekstermijn. Informatie die u weliswaar tijdig bezorgt, maar die de fiscus pas ontvangt nadat haar onderzoekstermijn is verstreken, mag in principe niet meer worden gebruikt om een bijkomende aanslag te onderbouwen. Timing is dus niet bijkomstig, maar vaak het eerste en meest concrete verdedigingsmiddel.

Let op wat u antwoordt

Een vraag om inlichtingen of een bericht van wijziging lijkt vaak een eenvoudige administratieve vraag, maar dat is het zelden. Elk antwoord dat u aan de fiscale administratie bezorgt, wordt opgenomen in uw administratief dossier en kan later tegen u worden gebruikt. Een onzorgvuldige formulering, een onvolledige toelichting of een ongelukkige juridische kwalificatie kan de verdere fiscale procedure aanzienlijk bemoeilijken.

In onze praktijk worden wij helaas vaak pas gecontacteerd nadat de fiscus heeft geoordeeld dat de antwoorden op de vraag om inlichtingen onvoldoende overtuigend zijn en vervolgens overgaat tot een bericht van wijziging of zelfs een taxatie. In dergelijke dossiers merken wij regelmatig dat de oorspronkelijke antwoorden niet vanuit een voldoende strategisch of juridisch perspectief werden opgesteld. Vaak worden verklaringen afgelegd die op zich correct zijn, maar die onbedoeld aanleiding geven tot bijkomende vragen of de administratie net argumenten verschaffen om een belastbare grondslag te verdedigen.

Daarom is het doorgaans aangewezen om reeds bij de ontvangst van een vraag om inlichtingen of een bericht van wijziging advies in te winnen bij een advocaat of fiscaal adviseur. Een goed antwoord beperkt zich immers niet tot het bezorgen van de gevraagde documenten, maar plaatst de feiten ook in hun juiste juridische context en houdt rekening met de mogelijke verdere evolutie van het dossier.

II. Hoelang mag de fiscus teruggaan? De aanslagtermijnen

De onderzoeks en aanslagtermijnen werden herzien door de wet van 18 december 2025 houdende diverse bepalingen (BS 30 december 2025), met retroactieve werking vanaf aanslagjaar 2023.

  • 3 jaar voor een gewone, tijdige en regelmatige aangifte;

  • 4 jaar bij een laattijdige aangifte, een niet aangifte of een aangifte met een internationaal of complex element;

  • 7 jaar bij een vermoeden van fraude, met bedrieglijk opzet of het oogmerk om te schaden.

De retroactieve werking betekent dat de langere termijnen die eerder werden ingevoerd, niet meer van toepassing zijn vanaf aanslagjaar 2023. Voor uw dossier is de kernvraag dus steeds welk aanslagjaar in het geding is en of de fiscus zich terecht beroept op een verlengde aanslagtermijn. Die laatste moet zij overigens zelf bewijzen.

Wanneer begint de termijn te lopen? Elke termijn neemt een aanvang op 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd. Concreet: voor inkomsten die u in 2024 heeft behaald, is het aanslagjaar 2025. De termijn begint dan te lopen op 1 januari 2025 en eindigt, naargelang de toepasselijke termijn, op 31 december 2027, 31 december 2028 of 31 december 2031.

Praktisch voorbeeld.

U dient uw aangifte voor inkomstenjaar 2024 (aanslagjaar 2025) tijdig en correct in. De driejarige termijn verstrijkt dan op 31 december 2027. Verdenkt de fiscus u van fraude, dan loopt de termijn door tot 31 december 2031. Dient u de aangifte laattijdig in, of bevat ze een complex element, dan geldt de vierjarige termijn en eindigt die op 31 december 2028.

Twee aandachtspunten die in de praktijk regelmatig over het hoofd worden gezien.

Ten eerste: voor de aangegeven inkomsten die volledig en correct zijn opgenomen in een tijdige aangifte, moet de aanslag zelfs al worden gevestigd uiterlijk op 30 juni van het jaar volgend op het aanslagjaar, in het voorbeeld dus 30 juni 2026. De driejarige termijn geldt bijgevolg enkel voor de correctie van wat niet of onjuist werd aangegeven.

Ten tweede: de fraudetermijn kan enkel worden toegepast op de inkomsten waarvoor de fraude daadwerkelijk wordt bewezen. De fiscus moet per bestanddeel het frauduleuze opzet aantonen. Die bewijslast rust volledig op de administratie.

III. Fiscale visitatie: wat mag de fiscus wel en niet?

Naast schriftelijke vragen kan de fiscus ook ter plaatse komen, de zogenaamde fiscale visitatie. De krachtlijnen liggen vast in artikel 319 WIB92 voor de inkomstenbelastingen en artikel 63 W.BTW voor de btw, en zijn de voorbije jaren verder verfijnd door de rechtspraak.

Bedrijfslokalen. Ambtenaren mogen zich tijdens de werkuren toegang verschaffen tot beroepslokalen, maar niet zonder de voorafgaande en blijvende toestemming van de belastingplichtige. Het Grondwettelijk Hof oordeelde reeds in 2017 dat de fiscus daarbij geen dwang mag gebruiken, en het Hof van Cassatie bevestigde op 16 juni 2023 dat die toestemming op elk moment kan worden ingetrokken, waarna de visitatie onmiddellijk moet stoppen. Een arrest van 6 oktober 2023 nuanceerde dit: eens de fiscus toegang heeft gekregen, beschikt zij over een actief zoekrecht, zolang de belastingplichtige zich daar niet uitdrukkelijk tegen verzet.

Wie mag namens een vennootschap toestemming geven? Het Hof van Cassatie oordeelde op 23 april 2026 dat de toestemming moet uitgaan van het bevoegde orgaan, een geldig gevolmachtigde of iemand van wie de fiscus redelijkerwijze mocht aannemen dat hij bevoegd was. De bewijslast rust volledig op de fiscale administratie.

Particuliere woningen. Hier gelden strengere regels. Toegang is enkel mogelijk met uw toestemming of via een machtiging van de politierechter. Ook dan blijft uw toestemming noodzakelijk en kan zij op elk moment worden ingetrokken.

Wie zonder geldige reden weigert mee te werken aan een visitatie, riskeert dat de fiscus de zaak aan de rechter voorlegt met het oog op een dwangsom. Weiger dus nooit botweg medewerking, maar aanvaard evenmin zonder meer elke vraag. Uit de recente rechtspraak blijkt dat procedurefouten van de fiscus regelmatig aanleiding geven tot discussies over de bruikbaarheid van het bewijs.

IV. Van bericht van wijziging naar aanslag

Reageert u op een bericht van wijziging en houdt de fiscus toch vast aan haar standpunt, dan wordt de aanslag gevestigd.

Bent u het daar niet mee eens, dan kunt u bezwaar indienen. Tijdens die bezwaarfase beschikt u onder meer over het recht om gehoord te worden, het recht op inzage in uw fiscaal dossier en het recht op een correcte behandeling van uw bezwaar.

V. Wanneer het stil wordt

Na een antwoord op een vraag om inlichtingen blijft het soms weken of zelfs maanden stil.

Dat betekent niet noodzakelijk dat het dossier is afgesloten. Vaak wacht de controleur op bijkomende informatie, interne goedkeuring of het verstrijken van wettelijke termijnen.

Stilte betekent dus niet automatisch dat alles in orde is, maar evenmin dat een bijkomende aanslag op komst is.

VI. Praktische aandachtspunten

  • Beantwoord elke vraag om inlichtingen tijdig en schriftelijk en raadpleeg bij voorkeur vooraf een fiscalist of advocaat.

  • Vraag indien nodig vóór het verstrijken van de termijn een verlenging.

  • Controleer welke aanslagtermijn daadwerkelijk van toepassing is.

  • Aanvaard niet automatisch iedere onderzoeksmaatregel zonder uw rechten na te gaan.

  • Zorg ervoor dat binnen een vennootschap duidelijk is wie bevoegd is om toestemming te geven voor een fiscale visitatie.

  • Bewaar uw administratie, bewijsstukken en alle communicatie met de fiscus zorgvuldig.

VII. Conclusie

Een fiscale controle verloopt in de praktijk zelden als een verrassingsinval. Meestal begint alles met een schriftelijke vraag, gevolgd door een strikt wettelijk kader van termijnen, rechten en verplichtingen.

Wie zijn rechten kent en tijdig reageert, staat aanzienlijk sterker tijdens een fiscale controle. Recente rechtspraak bevestigt bovendien dat ook de fiscus haar onderzoeksbevoegdheden strikt binnen de wettelijke grenzen moet uitoefenen.

Over Aeacus Tax Lawyers

Aeacus Lawyers is een gerenommeerd Belgisch advocatenkantoor gespecialiseerd in fiscaal recht, fiscaal procesrecht en financieel recht. Wij staan particulieren, ondernemers en vennootschappen bij tijdens fiscale controles, administratieve onderzoeken, bezwaarschriften en gerechtelijke fiscale procedures.

Een fiscale controle hoeft u niet alleen te doorlopen. Wij bekijken graag vrijblijvend samen met u uw dossier, lichten uw juridische positie toe en bespreken de mogelijke vervolgstappen. Een eerste kennismakingsgesprek is volledig vrijblijvend en kan eenvoudig worden ingepland.

 
 

CONTACT

Aeacus Lawyers staat tot uw dienst voor al uw juridische vragen. U kan met ons geheel vrijblijvend contact opnemen via het onderstaande e-mailadres of door het onderstaande formulier in te vullen. Wij komen zo spoedig mogelijk bij u terug. 

bottom of page