top of page

Aanslagbiljet niet ontvangen: kunt u nog bezwaar indienen?

1 uur geleden
5 minuten om te lezen

U ontvangt een betalingsaanmaning voor een belasting waarvan u het aanslagbiljet nooit hebt gezien. Wanneer u vervolgens een bezwaar indient, krijgt u te horen dat de bezwaartermijn al verstreken is. Volgens de administratie werd het aanslagbiljet maanden eerder naar uw adres verstuurd.

Moet u dan bewijzen dat een brief nooit in uw brievenbus is beland? Of moet de administratie aantonen dat zij het aanslagbiljet daadwerkelijk heeft verzonden?

Een arrest van het Hof van Cassatie van 16 april 2026 geeft u als belastingplichtige een krachtig wapen

In het kort

Een eenvoudige ontkenning van de ontvangst verplicht de administratie niet automatisch om bijkomend bewijs te leveren. Wie aannemelijk maakt dat het aanslagbiljet niet behoorlijk is verzonden of niet werd ontvangen, kan die bewijslast wel bij het bestuur leggen. De concrete omstandigheden van het dossier zijn daarbij bepalend. Cass. 16 april 2026, F.25.0009.N.

Wat was er gebeurd?

Het geschil betrof gemeentelijke belastingen van de gemeente Maasmechelen. De belastingplichtige betwistte de aanslagen, maar de gemeente beschouwde het bezwaar als laattijdig.

De belastingplichtige stelde de aanslagbiljetten nooit te hebben ontvangen. Zij had wel een latere betalingsaanmaning ontvangen en vermeldde de niet-ontvangst uitdrukkelijk in haar bezwaarschrift.

Het hof van beroep te Antwerpen (10 september 2024 - Rol nr 2022/AR/1037) aanvaardde dat het bezwaar tijdig was ingediend. De gemeente tekende cassatieberoep aan, maar kreeg geen gelijk.

Een verzendingsdatum is geen onaantastbaar bewijs

Een aanslagbiljet met vermelding van het juiste adres en een verzendingsdatum vormt in principe uitgangspunt. Dat uitgangspunt is evenwel weerlegbaar. De vraag is alleen hoe dit weerlegt kan worden. Bewijzen dat iets niet werd ontvangen is natuurlijk eenvoudiger gezegd dan gedaan.

Het arrest maakt dan ook een onderscheid tussen twee situaties.

  • Een loutere bewering volstaat niet. Alleen zeggen dat u niets hebt ontvangen, verplicht de administratie niet automatisch om de daadwerkelijke verzending of ontvangst te bewijzen.

  • Een "aannemelijke betwisting" kan dat wel. De belastingplichtige moet de niet-ontvangst voldoende geloofwaardig onderbouwen aan de hand van de omstandigheden van het dossier.

Dat onderscheid is essentieel. Het gaat niet noodzakelijk om het sluitend bewijzen van een negatief feit, maar om het aannemelijk maken dat de gebruikelijke veronderstelling van verzending of ontvangst in uw dossier niet kan worden gevolgd.

Dit brengt ons natuurlijk bij een volgend probleem: wanneer is er sprake van een aannemelijke betwisting? Hiervoor zullen we kijken naar de omstandigheden van het dossier dewelke werden voorgelegd aan het hof van beroep.

Welke omstandigheden overtuigden de rechter?

De belastingplichtige had van bij het begin uitdrukkelijk en consequent verklaard dat zij de aanslagbiljetten nooit had ontvangen. Zij lichtte bovendien toe hoe zij dan wél kennis had gekregen van de aanslagen: via een latere betalingsaanmaning. Daarnaast stelde het hof vast dat zij niet de gewoonte had haar fiscale verplichtingen laattijdig na te komen. Die omstandigheden droegen ertoe bij dat de rechter haar verklaring als een aannemelijke betwisting beschouwde, en niet als een loutere ontkenning achteraf.

Een ons inziens bijzonder belangrijk element is dat de gemeente vervolgens de daadwerkelijke en regelmatige verzending niet kon aantonen. Er kon geen bewijs van aangetekende verzending worden voorgelegd. De vermelding van het juiste adres en een verzendingsdatum op de aanslagbiljetten volstond volgens het hof in deze omstandigheden niet. Ook het feit dat andere correspondentie wel op hetzelfde adres aankwam, bood onvoldoende bewijs voor de verzending van de betwiste aanslagbiljetten. Evenmin mocht worden aangenomen dat niet-bezorgde post automatisch naar de afzender terugkeert.

Het ging dus om een samenspel: enerzijds een geloofwaardige, van bij het begin aangevoerde betwisting door de belastingplichtige, anderzijds het ontbreken van voldoende bewijs van verzending door de gemeente. Het ontbreken van een aangetekend verzendingsbewijs maakt een aanslagbiljet op zichzelf niet ongeldig, maar woog hier mee in de beoordeling van het beschikbare bewijs.

Wat voegt de conclusie van de advocaat-generaal toe?

De advocaat-generaal, daarin gevolgd door het Hof van Cassatie, was van oordeel dat het hof van beroep zijn beslissing naar recht had verantwoord: de gemeente had de daadwerkelijke en regelmatige verzending niet bewezen en het bezwaar was, rekening houdend met de latere kennisname van de aanslagen, tijdig ingediend.

Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen bij het Hof van Cassatie benadrukt het belang van een vroege en geloofwaardige betwisting. Met verwijzing naar de rechtsleer wijst hij erop dat de belastingplichtige de niet-ontvangst het best aanvoert “in tempore non suspecto”: op een ogenblik waarop die verklaring niet overkomt als een achteraf bedacht argument om een laattijdig bezwaar alsnog te redden. Daarbij is ook van belang dat de belastingplichtige uitlegt wanneer en hoe hij daadwerkelijk kennis kreeg van de aanslag.

Volgens de advocaat-generaal had het hof van beroep hier vastgesteld dat de betwisting voldoende ernstig was om het vermoeden van juistheid van de gegevens op het aanslagbiljet te ontkrachten. Daardoor rustte op de gemeente een bijkomende bewijslast inzake de daadwerkelijke en regelmatige verzending. Aan die bewijslast voldeed zij niet.

De conclusie ondersteunt daarmee een belangrijk praktisch aandachtspunt: vermeld de niet-ontvangst onmiddellijk en onderbouw uw verklaring met de concrete chronologie van uw dossier. Dat biedt geen automatische garantie, maar kan wel doorslaggevend zijn voor de beoordeling van uw bezwaar. Conclusie bij Cass. 16 april 2026, punten 2.2 en 2.3.

Wat betekent dit voor uw bezwaartermijn?

De discussie over verzending en ontvangst kan bepalen of uw bezwaar nog inhoudelijk moet worden onderzocht.

Wanneer juist de verzending of ontvangst van het aanslagbiljet op aannemelijke wijze wordt betwist, kan de administratie niet zonder meer volstaan met een verwijzing naar de verzendingsdatum op het document. Het vertrekpunt van de bezwaartermijn moet dan nader worden onderzocht.

Niet-ontvangst betekent evenwel niet dat de belasting automatisch vervalt. Het gaat in eerste instantie om uw mogelijkheid om de aanslag nog te betwisten.

Het besproken arrest betreft gemeentebelastingen. Voor andere belastingen moeten de toepasselijke bezwaarregels en de wijze van kennisgeving afzonderlijk worden onderzocht. Ook een eventuele elektronische kennisgeving verdient daarbij aandacht.

Voor aanslagen in de personenbelasting en vennootschapsbelasting gelden eigen regels over de termijn, vorm en motivering van het bezwaar. Meer daarover leest u in ons artikel over bezwaar indienen tegen een belastingaanslag.

Wat doet u als u alleen een betalingsaanmaning ontvangt?

Wacht niet tot de discussie over de termijn verder escaleert. Het is aangewezen om:

  • Meteen schriftelijk te vermelden dat u het aanslagbiljet niet hebt ontvangen.

  • Uit te leggen wanneer en via welk document u voor het eerst kennis kreeg van de aanslag.

  • De aanmaning, de envelop en relevante correspondentie te bewaren.

  • Een kopie van het aanslagbiljet en informatie over de verzending of kennisgeving op te vragen.

  • Tijdig te laten beoordelen welke betwisting moet worden ingediend.

Beperk uw antwoord niet tot een algemene verwijzing naar problemen met de postbezorging. Een concrete toelichting over uw eigen dossier is overtuigender. Wacht bovendien niet op alle opgevraagde informatie voordat u laat onderzoeken welke stappen nodig zijn om uw rechten te vrijwaren.

Wat als de bezwaartermijn toch verstreken is?

Wanneer blijkt dat de bezwaartermijn daadwerkelijk verstreken is, betekent dit niet noodzakelijk dat iedere mogelijkheid tot rechtzetting verdwenen is.

Voor bepaalde overbelastingen in de inkomstenbelastingen kan een verzoek tot ambtshalve ontheffing nog uitkomst bieden. Die procedure heeft eigen voorwaarden en vormt geen algemene verlenging van de bezwaartermijn. De niet-ontvangst van een aanslagbiljet geeft op zichzelf dus niet automatisch recht op ambtshalve ontheffing.

Laat een vermeend verstreken termijn onderzoeken

Dat de administratie een bezwaar als laattijdig beschouwt, betekent niet dat die beoordeling noodzakelijk correct is. Wanneer u het aanslagbiljet nooit hebt ontvangen, kan een onderbouwde betwisting van de verzending of ontvangst van wezenlijk belang zijn voor uw rechtsbescherming.

Aeacus onderzoekt de kennisgeving van uw aanslag, de toepasselijke termijnen en de beschikbare bewijselementen. Wij beoordelen hoe uw aanslag nog kan worden betwist en begeleiden u bij de bezwaarprocedure en een eventuele gerechtelijke procedure. Lees meer over hoe een fiscaal advocaat u kan bijstaan bij een geschil met de fiscus.

 
 

CONTACT

Aeacus Lawyers staat tot uw dienst voor al uw juridische vragen. U kan met ons geheel vrijblijvend contact opnemen via het onderstaande e-mailadres of door het onderstaande formulier in te vullen. Wij komen zo spoedig mogelijk bij u terug. 

bottom of page